Wimsalabim

Op de fiets van Alaska naar Vuurland

Icefields Parkway

Posted on | september 8, 2011 | 4 Comments

De Icefields Parkway is een weg met een eigen website en loopt door de Nationale Parken Jasper en Banff in de Rocky Mountains. Beide parken worden in de zomer druk bezocht.

Jasper is een walhalla voor hikers die een dag- of een meerdaagse trip willen maken. Tevens is het een aardig plaatsje met alle voorzieningen voor een aangenaam verblijf. Mijn eerste dag in Jasper gebruik ik om mezelf en mijn spullen weer op orde te brengen. Na alle regen van de Yellowhead Hwy kan mijn Goretex beschermlaagje wel een wasbeurt gebruiken, net als de rest van de kleren.

Voor de laundromat (wasserette) tref ik Ann, de park ranger die ik de vorige dag in Park Robson kort heb gesproken. Na 8 dagen werken is ze 6 dagen vrij. Ze is erg geïnteresseerd in mijn trip, zelf heeft ze twee jaar geleden 3 maanden door Nieuw Zeeland gefietst.

Na de was zijn we getuige van de oprichting van een nieuwe totempaal voor het Visitor Information Center (VIC). Een unieke gebeurtenis met een hele ceremomie waarbij een groot aantal leden van de Althabascan indianenstam in traditionele klederdracht aanwezig is. De oprichting wordt begeleid door toespraken, dans en muziek. De totempaal wordt met vereende krachten omhoog getrokken, gezekerd door een hijskraan. Twee mannen hebben er bijna een jaar aan gewerkt.

Ann informeert naar mijn plannen en stelt voor om samen een tweedaagse hike te doen. Zo staan we de volgende ochtend om half negen bij het VIC om plaats te reserveren op één van de campgrounds langs de trail. ‘s Ochtends op de camping in Jasper heb ik afscheid genomen van Volker en Petra, mijn Duitse fietsvrienden. Zij gaan door naar het zuiden de USA in en kom ze de komende maanden niet meer tegen. Wellicht pas weer in Midden of Zuid Amerika.

Ann en ik pakken onze spullen (ik leen een rugzak van Ann), brengen de fietsen naar het eindpunt van de trail en rijden vervolgens met de auto naar het beginpunt. Eenmaal op pad blijkt Deet geen overbodige luxe, we hebben het echter geen van beiden mee omdat er twee weken geleden volgens Ann geen mosquito was te bekennen. Dat is nu wel anders: met één klap slaat Ann er maar liefst 19 dood. We lopen in lange broek en als we stil staan gaat de jas aan en capuchon op. Gelukkig komen we onderweg mensen tegen waarvan we de Deet mogen gebruiken, dat helpt!

Ondanks de mosquito’s en modder kan ik erg genieten. We gaan over passen, door valleien en bossen, langs, over en door rivieren. We slaan ons kamp op aan een meer waar we de enigen blijken te zijn. ‘s Nachts krijgen we een heuse hoosbui en de tent van Ann blijkt niet helemaal waterdicht, maar de waterschade valt mee. De volgende dag is het nog 24 km, voornamelijk naar beneden. We zien veel ground squirrels die erg fotogeniek zijn:)

‘s Avonds terug op de camping zie ik dat Laurent en Susan ook zijn aangekomen. Als ik ze de volgende dag spreek, besluiten we om de dag erop samen verder te fietsen. Doel voor die dag is een camping iets voorbij de Columbia Icefields op 2000 meter hoogte. We blijken verbazingwekkend genoeg alledrie hetzelfde tempo te hebben. Wel hebben Laurent en Susan het gewicht dusdanig verdeeld totdat ze even snel waren. Maar zelfs bergop hoeven we nauwelijks op elkaar te wachten. Onderweg praten we over vanalles en nog wat, ook over de EU en de euro waar Zwitserland niet aan meedoet. Alles wat er nu in de EU gebeurt is natuurlijk koren op de molen, alhoewel de Zwitsers nu behoorlijk last hebben van hun eigen sterke munt.

Ook op 2000 meter hoogte is het weer prima en genieten we van mooie vergezichten over de gletsjers van de Columbia Icefields. Een toeristische attractie waar je zelfs met een bustour overheen kunt rijden, maar geen haar op ons hoofd die daar aan denkt. Op de campground met stromend water in de vorm van een beek en een shelter voorzien van houtkachel, delen we een plek. Na een opfrisbeurt in de beek, doen we een tukje. Totdat Laurent mij wakker maakt om me te waarschuwen dat raven mijn voedselvoorraad plunderen! Schade: 8 energy bars, het resterende halve brood en aangevreten champignons.

De volgende ochtend is het slecht weer, miezerregen en koud. Laurent en Susan besluiten te blijven waardoor ik alleen verder ga. Voor het eerst fiets ik met mijn goretex handschoenen en dunne muts. Rond de middag klaart het op en stop ik bij het enige restaurant op de 230 km tussen Jasper en Lake Louise. Als ik buiten kom is er een heuse opstopping van auto’s op de weg. Drommen mensen staan een zwarte beer te vereeuwigen op 30 meter afstand (geadviseerde veilige afstand is 300 meter). De beer trekt zich echter niets van de menigte aan die mee beweegt als de beer zich verplaatst.

Via Bow Pass en het schitterende Bow Lake kom ik in Lake Louise. Bij de ingang van de – volledig met schrikdraad omheinde – camping fiets ik de lange wachtende rij auto’s voorbij. Ik heb na 136 pittige kilometers flink trek en dat kan niet wachten. Als het buikje rond is, vraag ik aan de twee Duitse jongens tegenover mij of ik mijn tent naast hun camper mag opzetten (in Canada en de USA betaal je per plek en niet per persoon). Geen enkel probleem en ze willen er niets voor hebben. Neem daarom bier en een worst mee als ik boodschappen doe. Dat wordt zeer op prijs gesteld en zo sta ik die avond enigszins beneveld onder de douche.

De volgende dag heb ik een korte en relaxte rit  naar Banff over de rustige highway 1a, die parallel loopt aan de nieuwe highway 1. Zie hier nog een volwassen mannetjes elk en een deer. Tref ‘s ochtends nog twee Nederlanders die net zijn begonnen aan hun tocht naar Anchorage, waar ik twee maanden geleden ben gestart. Banff is een luxe en populaire trekpleister en in de winter een drukbezochte wintersportplaats. Het doet erg denken aan de oorden in de Franse Alpen. En als je wilt kun je hier ook met Frans uit de voeten, de andere officiële taal.

In Banff installeer me op de grote camping en stuur Marco en Annelies een bericht waar ze mij de volgende dag kunnen vinden. Gezelschap uit Nederland na twee maanden!

Comments

4 Responses to “Icefields Parkway”

  1. Darchibald
    september 8th, 2011 @ 6:04 pm

    Go Wim! Nu ik je verslagen zo lees, begin ik heel langzaam te begrijpen wat jou bezield heeft, dit avontuur aan te vangen 😉 De eerste 100 dagen zitten erop, nog zo’n 400… Go Wim!

  2. Harold
    september 8th, 2011 @ 9:03 pm

    Wederom een mooi verslag, Wim.
    Unieke ervaringen doe je op; enjoy yourselfe !

  3. Yvonne
    september 14th, 2011 @ 4:23 pm

    Wat een prachtig landschap is het toch, de Rocky Mountains! Buiten Banff hebben we een ‘packtrip’ gedaan (te paard) van slechts 5 dagen en dat is al ruim 10 jaar geleden maar het voelde als 2 weken en ik herinner me het als gister. Zó veel indruk heeft het gemaakt.

    Dit vergeet jij nooit meer Wim!

    En dankzij jouw verslag en je foto’s kan ik weer helemaal wegdromen…..

  4. Martijn
    september 23rd, 2011 @ 9:10 am

    Hmmm… Ik voel iets opkomen dat sterk neigt naar jaloezie. Wacht nee, dat is het gewoon. Darn. Goed werk en goed verhaal Wim, ze worden steeds beter 😉 Zettemop!

Leave a Reply